De hoofdactiviteit op onze hoeve is het kweken van zeldzame schapenrassen geselecteerd op zelfstandig en vlot lammeren. Na 10 jaar kweek en selectie is wat begonnen is als hobby, uitgegroeid tot een volwaardige schapenhoeve met ruim 200 kweekooien die jaarlijks gemiddeld 1,5 tot 2 lammeren geven.

Het Vlaamse Schaap

Is een oud ras van eigen bodem en mocht dus niet ontbreken op onze hoeve. Dit zeer vruchtbare schaap kweekt probleemloos en levert meermaals 3 lammeren op. Met zijn fijne belijning is het een mooi schaap dat ook ideaal is voor kruisingen met andere rassen zoals met de Kerry Hill.

Het Kerry Hill Schaap

Is sterk en zeer ziekteresistent. Het is een fier schaap dat zich in alle omstandigheden goed weet aan te passen. Als vleesschaap wordt de Kerry Hill gewaardeerd voor de fijne smaak, zonder vervetting. Dit schaap lammert vlot en alleen. Het heeft een uitgesproken moederinstinct. De gemiddelde worp is 1,7. De lammeren kennen een snelle groei. Met zijn typische zwarte aftekening doet hij denken aan een pandabeer.

Devon and Cornwall Longwool

De Devon valt op door zijn forse postuur, zijn glanzende en krullerige vacht en zijn stevige en brede kop. Z’n sjieke naam hoort bij een bijzonder schaap en bijzonder is de Devon and Cornwall Longwool. Hij is groot, krullerig en vriendelijk. Op ogen, neus en hoeven na heeft hij werkelijk overal wol. Bovendien is die wol, zoals het hoort bij een Longwool, soms erg lang. Gemiddeld produceren ooien zeven tot acht kilo wol en rammen ongeveer het dubbele. Daarmee is de Devon and Cornwall Longwool de grootste wolproducent van de longwoolrassen. Die wol is hard en daardoor zeer geschikt voor tapijten en gordijnen.
Merkwaardig aan dit mooie schapenras is de soberheid. Het enorme dier kan uit een vrijwel kale wei toch voldoende voedsel halen, wat hem uitermate geschikt maakt voor standbeweiding. Devon and Cornwall Longwools zijn uitermate rustig en kindvriendelijk.

Herdwick

De Herdwick is een zeldzaam schapenras afkomstig uit het berggebied van het Engelse Lake-District. Hun witte kop, stevige poten, een ruwe blauwgrijze vacht zijn kenmerkend voor dit ras. De rammen hebben fraaie gekrulde horens, de ooien zijn ongehoornd. Er bestaan ook ongehoornde Herdwick rammen. Lammeren worden zwart geboren en kleuren na 1 jaar bruin en worden in hun levensloop grijzer met een typerende witte kop. Met name Beatrice Potten, bekend door haar dierenverhalen heeft dit ras in het begin van deze eeuw van de ondergang gered door het aankopen van een aantal boerderijen in het Lake-District. De aaibaarheidsfactor van de Herdwick is hoog. De Herdwick is een hard ras die bestand is tegen een ruw klimaat, en niet de beste vegetatie nodig heeft. De wol is geschikt om te vilten. Taai, stoer en robuust, maar tegelijk rustig en zachtaardig, dat zijn de karaktereigenschappen van de Herdwick. De oorzaak van deze schijnbare tegenstelling ligt met name in zijn gebied van herkomst, het Engelse Lake District.
Het vlees van de Herdwick staat erg goed bekend. Het is donker en de bijzondere smaak ervan doet aan wild denken.
(link maken naar www.herdwickschaap.be)

Walliser Schwarznase

Is afkomstig uit de hoge Zwitserse bergen. Het ras is ontstaan in de Alpen. Het is een echt bergschaap met zeer bijzondere kenmerken. Het uiterlijk van de Walliser Schwarznase is heel bijzonder. Zijn neus, ogen en oren zijn gitzwart, terwijl zijn wol crèmekleurig is. Het ras is oud en weet in de bergen goed te overleven. De lammerenproductie per worp is ongeveer 1,4. Volwassen rammen wegen gemiddeld tachtig tot honderdtwintig kilo en hebben een schofthoogte van rond de tachtig centimeter. Bij de ooien is dat 65 tot negentig kilo en zo’n zeventig tot tachtig centimeter. De Schwarznase is bijna het jaar rond vruchtbaar. Het ras staat wel bekend als laatrijp. Buiten Wallis komen er maar weinig schapen van dit ras voor. Er zijn enkele koppels elders in Zwitserland, ze komen voor in Duitsland. Nederland telt een heel klein aantal.

Oxford Down

Is de grootste van de vijf Down-rassen, maar zijn aanhang is klein. In Nederland zijn slechts enkele fokkers. Zelfs in Engeland zijn er weinig te vinden. Dat is vreemd gezien de onmiskenbare kwaliteiten van dit ras. De Oxford Down bestaat officieel sind 1832. Schapenhouders die behoefte hadden aan een groot en sterk schaap, richtten in dat jaar de Oxford Breeders Association op in Oxford. De Oxford Down is een ruim schaap.
Volwassen rammen bereiken een gewicht van 150 kilo, ooien wegen tegen de 100 kilo. Zijn wol is wit van kleur, de huid zwart. Kop en poten zijn voor een groot deel bewold. Een mooie kuif tooit de kop. De oxford Down heeft een opvallend lange bronst: van juni tot maart. Dat maakt hem geschikt voor de productie van paaslammeren. In Engeland wordt hij veel gebruikt in kruisingen. Vleeslammeren krijgen door de inbreng van de Oxford Down een lang karkas. De Oxford Down oogt niet alleen apart, maar heeft ook onmiskenbare kwaliteiten. Het is een sober schapenras, dat het zelfs onder koude en natte omstandigheden nog goed doet. Het ras kent weinig of geen geboorteproblemen. Lammeren zijn direct na de geboorte erg levendig. Ze groeien hard, een kenmerk van alle Down-rassen.